Stukje Sardinië in Friulië

Facebook heeft weliswaar een nare, machtswelluste vinger in de pap als het gaat om het laten verdwijnen van de authentieke Nederlandse cultuur, denk aan Sinterklaas die zich – volgens Facebook – niet langer meer mag laten vergezellen door zwarte Pieten, dit monopolistische imperium bracht deze keer twee Italiaanse culturen tezamen: de Friulaanse en de Sardijnse. Sterke Italiaanse culturen die zich van Facebook niets aantrekken en waar rare, cultuurdodende zeurpieten geen schijn van kans hebben.

Winnaars van de Gouden Gondola 2018, helemaal rechts (naast Sjaak) staat Mauro Diana

Via Facebook leerden wij Mauro Diana kennen, een intellectuele artiest, afkomstig van Sardinië. Eigenlijk hadden wij hem al vluchtig leren kennen tijdens de Serata del premio Gondola d’Oro van 2018. Het Italië magazine il Tramonto reikt ieder jaar – tijdens een door ons gesponsorde feestavond – de Gouden Gondola Awards uit aan prijswinnaars in verschillende categorieën. In 2018 waren we met dit event te gast bij de gemeente Pocenia. In de mooie dorpse schouwburg werd o.a. de prijs uitgereikt voor beste rode wijn, de Altropasso van Azienda Reguta. De eigenaar, wijnboer Enrico Anselmi, had een evenementenbedrijf ingehuurd om de avond extra cachet te geven. Directeur van dit bedrijf was Mauro Diana.

Veelzijdige Italiaan

Mauro, die rechten aan de Universiteit van Sassari (Sardinië) studeerde om advocaat te worden, is dus een geheel andere professionele richting ingeslagen. Zoals bij meer artiesten, denk aan de wereldberoemde Paolo Conte, lopen de loopbaanpaden vaak anders dan gepland. Door een vervolgstudie aan de Universiteit van Udine kwam Mauro in aanraking met de echte Friulaanse cultuur die hem in een ware vervoering bracht. Daar wilde hij meer mee gaan doen, ook anderen zouden en moesten weten hoe geweldig het noordoostelijke leven in Italië was. Door die gedachte en tevens ook zijn grote liefde voor de Sardijnse cultuur, is hij een weg ingeslagen om zijn organisatietalenten verder uit te baten. Wellicht maar goed ook want het is een echte netwerker, iemand die uitermate geschikt is voor promotionele activiteiten ten behoeve van de Friulaanse en Sardijnse cultuur. Hij is bevriend met Jan en alleman, van de aantrekkelijke kroonprins Filiberto – van het Italiaanse koningshuis Savoye – tot de bisschop van Udine, die hem de sleutel van een kerk uit de veertiende eeuw heeft gegeven, zodat hij daar op het orgel kan oefenen.

Sjaak Verweij & Mauro Diana

Udine was toen nog een bruisende stad

Door Facebook en de diverse berichten over de opening van de tentoonstelling ‘Festival del Colore’ op Villa Valetudine die daarop werden gedeeld, stuitte hij hernieuwd op ons. Reden voor hem om ons uit te nodigen op een Sardijnse hapjesavond bij hem thuis te Udine. Vanuit Camino al Tagliamento is het slechts 30 km tot midden in het bruisende hart van deze bijzonder mooie en knusse stad. Omdat Mauro echt hartje stad woont, tegen het kasteel aan, en in een straatje waar geen autoverkeer mag komen, parkeerden wij de auto op redelijke loopafstand en voor de veiligheid tegenover het politiebureau. Een straat met fantastische klassieke Italiaanse herenhuizen – een genot om te zien – die overging in een promenade met honderden barretjes en restaurantjes die weer uitkwam op het fantastische mooie piazza (plein) Giacomo Matteotti dat één bruisend terras was met duizenden mensen die aan het genieten waren van een aperitiefje voordat ze ergens hun cena (avondeten) gingen verorberen. Een vreemde gewaarwording, wij met mondmasker op en al deze mensen zonder, zittend aan een Aperol Spritz of een Prosecco op deze oktoberavond. Je zou zo maar vergeten dat er een of ander virus rondwaarde!

Voor het avondeten de kerk in

Uiteindelijk kwamen we aan op het adres van onze bestemming. Niet wetend op welke bel we moesten drukken, die van de pastoor, de diaken of een van de andere 4 waar geen naam bij stond. De – naar we later vernamen – voormalige pastorie was opgedeeld in appartementen, waarbij de bovenste verdieping recent aan Mauro en zijn vriendin is verkocht. De andere appartementen vormen allemaal onderdelen van het Bisdom en van de Universiteit van Udine, echter staan leeg en wachten op een nieuwe bestemming, net als de prachtige Middeleeuwse kerk waar de pastorie tegenaan is gebouwd. De Chiesa di San Cristoforo – ik dacht meteen aan de kathedraal van mijn geboortestad Roermond met dezelfde patroonheilige (Sjtuf) – is officieel buiten functie en wordt slechts twee keer per jaar gebruikt door een orthodox-christelijke gemeenschap uit Roemenië, tijdens hun pelgrimstocht naar Rome. Mauro heeft op zich genomen om de kerk schoon te houden en hier en daar te onderhouden. Als tegendienst mag hij op het oeroude, waardevolle orgel oefenen. Een juweeltje dat door orgelbouwer Gustavo Zanin uit Codroipo, waarmee wij al vele jaren bevriend zijn, is gerestaureerd en nog steeds regelmatig wordt gestemd. Hoe klein is de wereld, of – als je wil omdenken – hoe groot is ons netwerk inmiddels hier!

Diva en baccala

We werden hartelijk ontvangen en meteen hoorde je ‘ploep’, hetgeen betekende dat de eerste fles werd ontkurkt, een verrukkelijke Chardonnay van wijnhuis Ferrin, winnaar van de Gondola d’Oro Award 2020. Terwijl we aan ons eerste glaasje zaten, ging de bel en una vera signora, een soort diva, professor dr. Renata Capria D’Aronco, deed haar intrede. Renata kennen we al jaren, zij is de presidente van de regionale Unesco-vereniging, een markant personage met een gigantisch netwerk en dito invloed. Wij kennen haar van een dinertje, waarbij we waren uitgenodigd samen met andere buitenlandse journalisten en hotemetoten, om baccala alla Vicentina (stokvis) op verschillende wijzen bereid te proeven. Een evenement geïnitieerd door een chef-kok (Claudio Cucina – hoe toepasselijk deze achternaam: keuken) samen met de Italiaanse top op het niche terrein van kruiden en paddenstoelen, Ennio Furlan.

Sjaak Verweij, Ennio Furlan en Renata Capria D’Aronco

De Christoffelkerk

Na een klein uurtje mengde de vriendin van Mauro zich ook bij het gezelschap, het had blijkbaar wat voeten in aarde om het haar in model te krijgen, en verdween vervolgens met haar glaasje Chardonnay gedwee de keuken in om de Sardijnse hapjes klaar te maken. Mauro nodigde ons in de tussentijd uit om hem te vergezellen naar de kerk die hij vanuit zijn huis kon betreden. Door smalle gangen, die een klein doolhof vormden, kwamen we in de prachtige oude kerk terecht. Het was smullen van alle schitterende schilderijen, fresco’s en houtbewerkingen en al helemaal – toen we via een smalle en steile wenteltrap op het oksaal aankwamen – van het beroemde orgel. Nog verrassender was het mini-concert dat we van Mauro ten gehore kregen en wij mochten genieten van de rijke veelzijdigheid aan klanken van dit orgel met het uitzicht op het door rijk versierde zijbeuken geflankeerde middenschip met het gouden altaar aan de kerkelijke einder!

La cena, het avondeten

Voor het zingen de kerk uit, dacht ik even toen Mauro ons ook een zangstuk cadeau deed en waarbij we vaststelden dat vooral het klavier tot zijn echte competenties behoorde. Tijd om terug te keren naar moeder de vrouw die met haar geföhnde stijltjeshaar staat te koken in een keuken die flink warm was opgestookt, waar zelfs de katten bijna in zwijm vielen van de hitte. Mauro vertelde aan één stuk door met juveniele verve over van alles en nog wat. Met grote belangstelling luisterden wij naar zijn interessante verhalen. Over Sardinië en hoe zijn grote liefde voor Friulië was gegroeid. Inmiddels werd ook fles twee geopend en uiteindelijk mochten we in de keuken aan tafel komen waar het Sardijnse smulfestijn kon beginnen. Alle producten waren gemaakt door familieleden van Mauro en waren speciaal voor deze woensdagavond opgestuurd vanuit Sardinië naar Udine. Ongelooflijk, wat was dat allemaal lekker. Helaas had ik een ‘off-evening’ in die zin dat ik vergat foto’s te maken. Het spijt me zeer maar op een of andere manier ben ik het vergeten! Wellicht omdat de buik te hard knorde? Te veel indrukken opgedaan? Stond de Sardijnse muziek te hard wat ik na mijn burnout niet goed meer kan verdragen en waardoor ik me soms een ouwe lul voel?

Alles vis wat de klok slaat

Een leerzame avond, dat was het zeker. Wij wisten niet dat het eiland Sardinië zó groot is, maar liefst de helft van de oppervlakte van Nederland met slechts 1,7 miljoen inwoners. Plaats voldoende voor vele MOE-landers en andere migranten. Met een kustlijn van 1.340 km zou je denken dat het ‘vis’ is wat de klok slaat doch niets is minder waar. Eeuwenlang werden de Sardijnen onaangenaam verrast door indringers die via zee hun land wilden veroveren, waardoor de eigen bevolking haar heil zocht in de bergachtige binnenlanden. De keuken is dan ook van oudsher gebaseerd op het eten van boeren en herders die rondtrokken in de bergen. Het moest lang houdbaar zijn, zoals geroosterd en gedroogd vlees.

Wij kregen een heel dun, knapperig brood – afkomstig van de bakker uit het familiedorp van Mauro – geserveerd dat grote gelijkenis heeft met perkamentachtig muziekpapier, waardoor het ook wel carta da musica wordt genoemd. Om in kerktermen te blijven: een soort manna of hostie! De boeren en herders konden dit brood heel lang bewaren omdat het niet schimmelt. Deze verrukkelijke Sardijnse specialiteit tref je aan onder de naam Pane Carasau al noemde Mauro het Pane Guttiau. Een aanrader in combinatie met diverse soorten ‘salse’ (sausjes) en olio d’oliva.

Naast Sardijnse salami van lo zio (de oom) en olijven uit de tuin van la nonna (oma) als antipasto (voorafje), kregen we Culurgiones Ogliastrini geserveerd, een soort ravioli. Zelfgemaakte deegwaren van la mamma van Mauro, gevuld met verse koemelkkaas en pecorino (schapenkaas) en volgens de traditie geserveerd met tomatensaus, munt en wilde Sardijnse kruiden. Zelfs de rode wijn, een Cannonnau di Proprietà van 2017, kwam van familie uit Sardinië.

Als toetje kregen we Savoiardi Sardi, Sardijnse lange vingers. Langer en breder dan de normale en heel moeilijk om ze zo luchtig te krijgen. Om alles goed te laten verteren, werd ons een Mirto di Sardegna aangeboden, een digestief/likeur gemaakt van de bes van de mirte, gemaakt door een andere oom. Tot slot was er nog een overheerlijke caffè en nog een klein nat afsluitertje, maar ik ben vergeten wat het was. Hik!

Opmaat naar de finale

Terwijl we aan de culinaire slotacte begonnen waren, rinkelde de bel en werden we verrast met de opkomst van een tweede – flamboyante – dame die werkelijk een groots entree maakte. Een oud-professor Engelse taal die ons verrukkelijk wist te vermaken met haar levendige verhalen. Toch moesten wij op een of andere manier aan Dame Edna denken. Toen wij ook nog eens privé pianoconcert kregen van Mauro, begon la diva heerlijk mee te zingen en galmden de operastukken door de kleine kamer.

Ad Smets tussen twee echte Diva’s

Quasi Italiaan

Oh, het echte Italiaanse leven is toch zó geweldig, zó puur. Zeker ook omdat zij trouw blijven aan hun eigen cultuur waar ze ongelooflijk trots op zijn. Ongelooflijk blij zijn ze dat er mensen bestaan die zich met deze culturen willen verenigen, zelfs willen adapteren, omdat ze goed wensen te integreren. Tevreden met het resultaat van onze inspanningen die gewaardeerd worden, stapten we in onze SUV en mocht ik – goedgeluimd – de reis naar Camino al Tagliamento tot een goed einde brengen, come un Italiano vero (zoals een echte Italiaan betaamt).

Klik hier voor alle Italië blogs op ‘il Tramonto’

© redactie: Ad Smets – foto’s: Ad Smets

L’amore, een boek over twee Nederlanders die goed
willen inburgeren in Italië

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *